Belangrijke links

DIS / MPS

Men neemt aan dat vooral kleine kinderen een dissociatieve identiteits stoornis (MPS) ontwikkelen en hoewel volwassenen allerlei dissociatieve stoornissen kunnen hebben of oplopen is dit zelden DIS/MPS. Natuurlijk kunnen volwassenen een alter (ego) ontwikkelen, waarbij zij zich bewust zijn, van hun eigen (oorspronkelijke) identiteit en passen dus niet binnen het raam van de Dissociatieve Identiteits Stoornis. DIS/MPS ontstaat vaak in een periode dat kleine kinderen voor zichzelf speelkameraadjes fantaseren. Normaal gesproken zijn dit externe speelkameraadjes, maar in reactie op (een) traumatische gebeurtenis(sen) gebeurd het soms dat een kind zo’n speelkameraadje als hulp, troost of vriendje naar binnen haalt en als onderdeel van zichzelf gaat zien. Dit, zo neemt men aan, gevoegd bij het feit dat de kinderhersenenen en de identiteit nog niet helemaal zijn volgroeid, kan op den duur DIS/MPS veroorzaken.
DIS/MPS staat aan het einde van het dissociatieve spectrum, en kenmerkt zich door vele vormen van dissociatie, zoals ‘outer-body’ ervaringen, depersonalisatie ervaringen etc.

De patiënt heeft verschillende persoonsdelen (alters genoemd) die in de vroege jeugd ontstaan zijn, als een reactie op traumatische gebeurtenissen. Het oorspronkelijk zelf verbergt zich als het ware in de geest om te ontsnappen aan de levensbedreigende situatie van zo’n moment. En creëert onbewust alters of beter gezegd persoonsdelen, die beter zijn opgewassen tegen het trauma en dit ook feitelijk ondergaan zonder dat de oorspronkelijke persoon daar weet van heeft. Bijna altijd neemt deze nieuw gevormde alter (persoonsdeel) dan voor korte of langere tijd het leven over van de oorspronkelijke persoon. Met soms (maar niet altijd) specifiek andere karakter eigenschappen, zoals extroverter of juist introverter, angstiger of juist voor niemand bang, enzovoort.
Meestal hebben alters (persoonsdelen) een eigen naam, eigen gender identiteit of voorkeur en in sommige MPS/DIS systemen komen zelfs dieren voor. Een ‘dier’ kan tenslotte sterker zijn (of/en veiliger zijn) dan een ‘mens’.
Ook komt het voor dat alters/persoonsdelen juist helemaal geen naam hebben.
Verder kunnen er alters/persoonsdelen zijn die een heel andere fysieke gesteldheid hebben, bijvoorbeeld één persoonsdeel wat zonder bril alles prima kan zien, terwijl anderen niet zonder bril kunnen. Of één die ziek is of koorts heeft en de rest niet.
Vaak valt bij DIS/MPS de beruchte term, “stemmen horen”. Dit buiten het feit dat ook ‘normale’ mensen stemmen horen, zoals bijv.: een logische stem, een kritische stem, een troostende stem en de stem van een behoeftig klein kind. Schizofrenen en mensen in een psychotische staat claimen vaak dat zij stemmen horen die van buiten komen.
Dit is zelden of nooit het geval bij mensen die gediagnosticeerd zijn als DIS/MPS. Zij zijn zich bijna altijd bewust dat zij de stemmen van binnenuit horen.
Hiermee wordt dan bedoeld stemmen als ‘vreemden’ in het hoofd. ‘Vreemden’, (alters/delen) omdat men vaak terdege weet dat deze stemmen uit haar/hem zelf komen, maar overduidelijk niet uit de eigen gedachten (gang) voortkomt of voort kan komen, van de persoon die er op dat moment is. En hoort men, vaak tot grote schrik, deze alters/delen duidelijk het woord (over)nemen in de realiteit. Of per ongeluk

Om het totaal aan alters/persoonsdelen te benoemen wordt nogal eens de term het ‘systeem’ gebruikt. Het systeem heeft en had als doel om de gehele persoon (het systeem) te kunnen laten overleven, maar zonder deelname van de oorspronkelijke persoon (en/of andere delen/alters) die vaak nog steeds een baby of klein kind is. Anderzijds komt het bij MPS/DIS patiënten ook voor dat zij wel degelijk een oorspronkelijke persoon hebben, die soms ook of deels weet wat er gebeurd of is gebeurd. En waarbij een alter het slechts tijdelijk van de oorspronkelijke persoon overneemt en deze dan weer terug komt als alles veilig is. In het algemeen komen er binnen een systeem altijd wel een woedende of boze alter voor, één of meer kleintjes, en een ‘controler’ (een die de dagelijkse gang van zaken behartigt) en ook of mede vaak weggehouden wordt van al te ingrijpende emoties. Niet zelden functioneert deze laatste ook min of meer ‘los’ van de anderen binnen het systeem.
Verder kunnen er schaduw alters zijn, die niet of nooit zelf naar voren of buiten komen, maar zich verbergen achter een andere alter die soms ook het woord voor haar/hem voert, waarbij deze (laat ik zeggen ‘gebruiks-‘)alter dit zelfs niet altijd weet of merkt. Deze gebruiks alters/delen kunnen zijn ontstaan uit angst voor ontdekking in de buitenwereld van de oorspronkelijke alter, die de gebruiks alter dan als het ware gebruikt als een scherm voor zich zelf. (en wellicht voor meer alters/delen). Het kan zelfs zo ver gaan dat deze schaduw alters ook binnen het systeem onbekend blijven en zijn dan ook vaak erg moeilijk te traceren.

Op volwassen of latere leeftijd krijgen deze patiënten vaak last van flashbacks, angststoornissen, nachtmerries, relatie problemen, enzovoort en kunnen zich grote delen van hun leven niet meer herinneren. Door de overname van alters/persoonsdelen heeft de patiënt vaak geen weet van belangrijke persoonlijke gebeurtenissen in zijn of haar leven of kan zijn of haar gedrag van bepaalde momenten niet verklaren en sterker nog heeft daar weinig of geen weet van. Vaak komen ook ervaringen voor alsof men niet in zijn/haar eigen lichaam past. Of het te groot is, of bijv. zelfs bepaalde ledematen als klein ervaren worden, toebehorend aan een kleuter of 10-jarige, terwijl de rest van het lichaam wel op lengte lijkt. Het komt nogal eens voor dat men gemakkelijk verdwaalt en zichzelf terug vindt op vreemde en onbekende plaatsen. Mensen met DIS/MPS schrikken er vaak voor terug om dit te vertellen en durven vaak pas wat meer los te laten in de veilige omgeving van een therapeutische setting en bij een begripvolle therapeut(e). Anders dan met gewone herinneringen zijn dit soort traumatische herinneringen feitelijk altijd opgeborgen geweest, als in een apart hokje, waar niets meer bij kwam of uit kon en zijn in sommige gevallen zo detaillistisch dat het lijkt alsof het net gebeurd is. Achteraf in therapie (maar natuurlijk niet altijd) blijkt soms dat alters of persoonsdelen die het indertijd hebben ‘overgenomen’, nog steeds min of meer dezelfde leeftijd hebben die zij ‘toen’ hadden. Op hun beurt hebben zij, net als de oorspronkelijke persoon, als het ware in de tijd stil gestaan.

MPS/DIS heeft dus vele facetten en kenmerken die ook onderling en per patiënt sterk uiteen kunnen lopen of onderling verschillen. Men zou kunnen zeggen dat MPS/DIS een stoornis is die bovenal veroorzaakt wordt door menselijk (mis)handelen, door met name het opleggen van zwijgplicht, ontkenningen (en daarmee ‘ontkenning’ van identiteit), levens bedreigingen, gek verklaringen enz. Immers als er over traumatische gebeurtenissen gesproken had mogen worden en er begrip zou zijn voor de kinderen die dit ondergaan, zou fragmentatie en identiteits-splitsing (MPS/DIS) nooit zijn ontstaan en in stand hoeven te worden gehouden.
Bron: Stichting Empty Memories, Emma van Weringh.